93. Van Vannes naar Roscoff

Blijkt dus dat we op 18 augustus in die echte FlixBus ook een echte Franse scheurneus als chauffeur hebben. Allée naar links, Voilà naar rechts, beetje duwen, beetje gassen, Merci, Au Revoir… alles om maar sneller te gaan. En dat zorgt er voor dat we, inclusief een niet geplande pauze van een half uur, toch een kwartier eerder in Vannes zijn. Net na middernacht krijgen we de Sunrise weer in het oog. Die ligt er nog gewoon bij, alsof er niets gebeurd is. Prima! Wij duiken snel ons nestje in.

Want wat zijn we moe! In Nederland telkens toch stiekem korte nachtjes en dan die busreizen…. gaat je allemaal niet in de koude kleren zitten. Maandag is dus officieel rustdag! Natuurlijk nemen we wel de tijd om bij het havenkantoor even een pakje stroopwafels af te geven. Zij hebben immers zo goed voor de Sunrise gezorgd. En van dit kleine cadeau zijn de havenmeesters wel 5 minuten onder de indruk. Ze komen allemaal even het kantoor uit om ons te bedanken. Eentje had al wel van stroopwafels gehoord en nu kon hij ze ook proeven! Wat mooi toch, dat zo’n klein gebaar zo groots ontvangen wordt.

Eric scoort vandaag ook nog de laatste verse pannenkoek bij zijn favoriete bakker en we fietsen naar de supermarkt om de koelkast weer te vullen. De Lidl doet weer goede zaken en wij zijn weer blij met al het lekkers dat staat te lonken.

Baai van Morbihan

Op dinsdag gaan we weer vertrekken. We moeten met hoogwater de haven verlaten om te zorgen dat we stroom mee de baai uit hebben. Gelukkig valt hoogwater vandaag om 10:30 uur en kunnen we dus eerst nog rustig aan doen. Het stroomt weer flink en voor we het weten zijn we de baai al weer uit. Voor vandaag hebben we geen grote plannen. Een ankerplekje dicht bij Quiberon is het einddoel van vandaag. Maar dan blaast de wind ons rechtstreeks naar La Trinité sur mer. Dat kan niet voor niets zijn.

Zooooveeeeel bootjes in de baai van Quiberon. Dat zijn we niet meer gewend….

Rond 14:00 uur knubbelen we daar vast. Er liggen enorme trimarans in deze haven, zeilboten voor het echte, snelle werk! Eric moet daar natuurlijk even gaan rondneuzen. Ook stappen we op onze fietsjes. Hier in de buurt zijn enorme Menhir-rijen. Dit zijn “lange stenen”die rechtop ingegraven zijn, denk Astrix en Oblix. En omdat ze bekend zijn, moeten wij dat natuurlijk even gezien hebben. We hebben net zulke rode wangetjes als de snor van Oblix wanneer we op de plaats van bestemming zijn. Het blijkt een enorm toeristisch en groot gebeuren. Helaas mag je niet meer tussen de stenen doorwandelen. Die raakten los door al dat gedrentel. Maar het is ook machtig om al die stenen zo uitgelijnd en ingegraven te zien. Ze weten ook nog steeds niet waarom of hoezo deze enorme velden zijn gemaakt. Dat maakt het nog interessanter.

De Menhir-Rijen van Carnac

Wij bekijken eerst de Menhir rijen in Le Ménac. Daar scoren we een foldertje bij de VVV en zien dat er NOG meer velden / rijen zijn. Ligt ook mooi op de weg terug naar de boot. Dus wij volgen de weg waaraan al die keien staan. Superuitje! Er zijn ook veel mensen die deze route wandelen en er zijn daarvoor mooie paden aangelegd.

Na een rustig nachtje slapen is het tijd om richting Lorient te varen. Een goede 30 mijl, dus een mooi tochtje. De stroming dicteert weer onze vertrektijd: 9:15 uur, dus daar zijn we blij mee. De zee is echter wel wat rommelig. We kunnen eigenlijk meteen de zeilen hijsen en daar zijn we ook blij mee. We hebben een andere haven op het oog dan op onze heenreis. We gaan nu naar Port Louis. In onze pilot (boek met alle havens uit de streek) staat dat dit een uiterst charmant dorpje moet zijn. Nou, geen woord gelogen. De Sunrise ligt op een mooi plekje in de haven, zodat we uitkijken op het dorp. De Citadel steekt er bovenuit. Helaas is deze al gesloten als wij daar onze neus laten zien. Maar de bakker verkoopt ons nog steeds een supervers broodje; wij zijn tevreden!

La Citadel van Port Louis

De wind laat het afweten op donderdag. Tijd voor een dagje relaxen in Port Louis. Gebruikelijke activiteiten vinden plaats: boodschappen doen, handwasje, boot afspoelen. Bovendien is er goed nieuws, onze ESTA (soort voor mini-visum) voor Amerika is goedgekeurd. Mogen we dus naar New York! Inmiddels is ook het visum van Cuba binnen (dat hoef je alleen maar te betalen, maar toch…). Deze voorbereiding voor de winter houdt ons natuurlijk bezig. Na het avondeten laten we ons aanstaand Caribisch avontuur even voor wat het is en bereiden we onze tocht voor morgen voor. Onze piratenvrienden Stijn & Yvet zeilen nu richting Camaret. Ze verwachten daar morgenavond aan te komen. En wij zijn nog 2 dagtochtjes verwijderd van Camaret. Gaat het lukken om hen te zien in Camaret?!?

Vrijdag vertelt de stroom ons dat we om 7:30 uur op pad moeten. Dus dan doen wij dat. Uiteindelijk staat er wat minder wind dan voorspeld, maar met de Spinakker komen we mooi een paar knoopjes vooruit. De stroming doet de rest. Na 7 uur mag de Spinakker weer naar beneden. We hebben een haven uitgezocht die je met een smal, ondiep kanaaltje kunt bereiken. Het wordt erg afgeraden om dit in het donker te proberen. We moeten dus voor het donker bij Audierne zijn en dat vereist wat extra snelheid en dus de motor. En deze laat ons niet in de steek want om 19:15 uur varen we het kanaal binnen. Zowel het navigeren als de diepte vallen alles mee. We komen terecht in een superleuk stadje, met een haven waar nog precies 1 plekje is: voor ons! De Sunrise komt naast een Franse boot te liggen en is helemaal tevreden. We hebben nog een prakje avondeten van gisteren en staan dus snel op de kant om een rondje door Audierne te wandelen. Stijn & Yvet liggen inmiddels in Camaret en daar gaan wij morgen heen. Op tijd naar bed!

Charmant Audierne

Wederom is 7:30 uur de vertrektijd. We moeten langs Pointe Du Raz. Jazeker, weer eentje met hoofdletters! Deze keer niet zozeer om de windsterkte, maar om de stroming die hier kan staan. Gelukkig is deze goed uit te rekenen en daar heb ik dan ook goed mijn best op gedaan. Op de heenweg wisten wij helemaal niet van het bestaan van deze kaap af (eigenlijk hadden wij absoluut geen benul van kaapjes en hun nukken). Totdat we Du Raz doorvoeren en 5 knopen stroom tegen hadden. Omdat we op onze motor (toen hadden we geen wind) maar 6 knopen gaan, ging het wel heel erg langzaam. We zijn toen omgedraaid. Maar wij hebben onthouden en geleerd! De eerste 2 uurtjes naar Du Raz toe, gaan we op de motor omdat er te weinig wind is. Maar het hoekje om krijgen we een mooi windje EN 2 knopen stroom mee. Eric staat te glimmen en roept om de 10 minuten hoe hard we wel niet gaan. Het absolute dagrecord komt op 8,4 knopen (mijl per uur). Als jullie ons hadden kunnen zien, hadden jullie een heeeeel tevreden mannetje achter het roer van de Sunrise kunnen waarnemen.

Point Du Raz

De wind neemt na de kaap iets af, maar de zeilen kunnen mooi blijven staan. Dan krijgen we echter een appje van Yvet: gisteren was de haven van Camaret HELEMAAL vol en nu er weer boten vertrokken zijn, zijn er nog 6 vrije plekken. Oei! we tellen 6 boten voor ons….. Wij gaan nu vol aan de bak. Het speciale zeiltje van Eric, de genakker, wordt gehesen en we beginnen een wedstrijdje met de laatste van de rij boten voor ons. Zij weten van niks, wat het racen wel wat makkelijker maakt. We halen 2 boten in en zetten voor de laatste 2 mijl de motor aan. Dat motoren doen Fransen niet (en dat weten wij), dus dat is eigenlijk valsspelen, maar hé, wij gaan onze vriendjes ontmoeten die wij al bijna 2 jaar niet meer in levende lijven hebben gezien. Zij waren immers in het Caribische gebied met hun boot Amuse en wij doolden rond op de Middellandse Zee. Alleé volle kracht vooruit! Er zijn uiteindelijk nog heel veel plekjes in de haven en natuurlijk staan er al 2 paar handjes op de kant om onze lijntjes aan te pakken. Het is zooooo bijzonder om hen dan uiteindelijk weer te zien! En dan nog wel terwijl we allemaal aan het laatste deel van onze zeilreis bezig zijn! Jullie geloven natuurlijk meteen dat om 13:00 uur de bubbels open gingen en dat we aan 1 stuk door hebben zitten kletsen tot middernacht. Zo veel te vertellen…..

De dagen daarna staat er niet heel goede wind om het laatste deel van de Kaap bij Brest te ronden. Maar geen haan die daar naar kraait. Er is veel te kletsen, eten, drinken, Pirate Bridge spelen…. Tussen de bedrijven door maken Eric en ik nog een mooie fietstocht, doen wat boodschappen en maken ons zo klaar voor de volgende etappe. Woensdag 28 augustus ziet er prachtig uit om weer een stuk te zeilen. De avond ervoor vertrekken we vast (met de Amuse natuurlijk) uit de haven om 100 meter verderop voor anker te gaan. Hier liggen we prima en sparen we een nachtje havengeld uit.

Fort des Capucins

De getijden blijven ons goed gezind: om 8:30 uur vertrektijd. Hier hebben we goed aan gerekend, want ook dit laatste stuk bij Brest is er eentje waarbij je de stroom mee wilt hebben. Niet zo extreem als Du Raz, maar toch. Alles komt prachtig uit en doordat we lekker wat stroom mee hebben lopen we nu nog harder als bij Du Raz. Ook hebben we een aardige wind die ons flink voort blaast. Bij de eerste haven die we hadden uitgekozen zijn we dan ook al om 13:00 uur. En omdat we weten dat we nog 6 uur stroom mee gaan hebben, besluiten zowel de Amuse als wij dat we gewoon doorgaan. De wind blijft onverminderd zijn best doen, waardoor we al voor 19:00 uur vastleggen in Roscoff. Wat een tocht! En wat een mooie gemiddelde snelheid! Ondanks een nat pak door de regen, zijn we allemaal heel tevreden over deze dag. We sluiten af met een goed bordje pasta en een dikke proost.

REGEN!!!!

Omdat wij zoveel wind verbruikt hebben op onze tocht naar Roscoff, laten de weerberichten zien dat de komende dagen weinig te zeilen valt. Maar het zonnetje gaat wel schijnen! Tijd voor de was. Omdat de wasmachine in de haven stuk is, laden wij de was op onze fietsjes en rijden naar het dorp waar een wasserette is. Natte was weer in de tas en terug naar de Sunrise. We moeten wel weer even wennen aan de droogtijd hier. Op Sicilië had je de laatste onderbroek opgehangen en kon je het eerste ‘t-shirt al weer binnen pakken. Hier heeft het iets meer tijd nodig, maar droog wordt het zeker. In de middag stappen we op de pedalen naar Saint-Pol-de-Léon. Dat blijkt een alleraardigst stadje, met veel (kerk)torens. Na onze verkenningstocht en supermarktbezoek, is het tijd voor een douche, diner en lekker effe niks.

Wat zijn we nu al weer dicht bij Nederland! We hopen dat onze volgende zeildag ons naar Guernsey brengt. Daar zijn we in een normale zomervakantie geweest met de boot. Dat voelt ZO dicht bij. We hebben nog wel wat plannen om, als wind en weer het toelaten, wat nieuwe plekken te bezoeken op onze weg Noord. Maar poeh, nog effe en dan eten we weer boterhammen met hagelslag….

  1. TanteRiny

    Wat een geweldige reis, ik kan de kleine plaatsjes niet altijd vinden in de atlas. Nu is het dus op …naar de boterhammen met hagelslag.
    TIP: gewoon brood kopen en dan een flinke klodder boter met daarbovenop geraspte chocola. Hmmmm.

    • Femke

      Wij houden onze route ook bij op de website. Als je kijkt onder het kopje “Route” op de hoofdpagina en dan het bovenste kaartje (onder “route 2019”) staan alle plekjes aangegeven op de kaart – je kan inzoomen of uitzoomen als je wilt. Maar je mag er natuurlijk altijd die atlas op naslaan; schijnt een familietrekje te zijn 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén